De cruciale rol van cultuur als motor voor duurzame lokale ontwikkeling, sociale cohesie en territoriale innovatie in afgelegen gebieden stond centraal tijdens de eerste opleidingsactiviteit van het Europese project C-CYCLE – Cooperation on Cultural Yield through Coaching and Learning Evolution (2024-1-EL01-KA220-VET-000257519). Deze training vond plaats op 28 en 29 mei 2026 in Madeira, Portugal, en wordt medegefinancierd door het Erasmus+ programma.
Institutionele en educatieve organisaties uit Griekenland, Nederland en Portugal kwamen samen met vertegenwoordigers van lokale overheden en grassroots culturele organisaties. Hun gezamenlijke doel was het ontwikkelen van een kader voor kennisuitwisseling en interactieve reflectie over de noodzaak van meer participatieve, veerkrachtige en duurzame cultuurbeleidsvorming, met bijzondere aandacht voor afgelegen regio’s binnen de Europese Unie.
De training, met als thema “Strengthening cultural resilience and local capacity in remote communities”, werd lokaal georganiseerd door de culturele partnerorganisatie APCA, in nauwe samenwerking met de Universiteit van Madeira en het Conservatorium – Madeira Arts School Eng. Luiz Peter Clode. De strategische coördinatie lag in handen van de Hellenic Agency for Local Development and Local Government (EETAA), terwijl The Hague Academy for Local Governance het opleidingsprogramma faciliteerde.
De opleidingsactiviteit bood een dynamische omgeving voor dialoog, interactie en co-creatie. De deelnemers verdiepten zich in lokaal cultuurbeleid, onderzochten Europese goede voorbeelden en ontwikkelden nieuwe benaderingen voor culturele uitdagingen die naar voren kwamen uit het veldonderzoek. Daarbij werd specifiek gekeken naar de manier waarop cultuur kan worden ingezet als instrument voor sociale en economische ontwikkeling op het eiland Madeira.
Met de waardevolle bijdrage van het Griekse Ministerie van Cultuur, en in het bijzonder het Creative Europe Office Greece, evenals de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), werden kennisuitwisselingssessies en gezamenlijke workshops georganiseerd. Dit versterkte de transnationale samenwerking en creëerde nieuwe mogelijkheden voor netwerken en gezamenlijke initiatieven.
Een bijzonder waardevol onderdeel van het programma was het studiebezoek aan de Associação Musical e Cultural Xarabanda, waar deelnemers kennismaakten met een inspirerend voorbeeld van een cultureel initiatief dat een aantoonbaar positieve impact heeft op de lokale gemeenschap.
De uitvoering van deze eerste trainingsactiviteit markeert een belangrijke mijlpaal in de versterking van capaciteiten, de bevordering van Europese samenwerking en de stimulering van culturele innovatie. Het bevestigt dat cultuur een strategische pijler kan zijn voor duurzame lokale ontwikkeling en maatschappelijke veerkracht.
Het C-CYCLE-project brengt lokale overheden, culturele en creatieve organisaties en universiteiten uit verschillende Europese landen samen. Het project heeft als doel de vaardigheden en competenties van lokale overheden en culturele actoren te versterken. Met een bijzondere focus op eilanden en perifere gebieden combineert de methodologie theoretische training, analyse van Europese praktijkvoorbeelden en praktijkgerichte opdrachten. Hierdoor verwerven deelnemers direct toepasbare kennis en concrete leerresultaten.
De volgende opleidingsactiviteit van het project vindt plaats op 11 en 12 juni 2026 in Athene, op het hoofdkantoor van EETAA. Hiermee wordt de Europese dialoog en samenwerking rond de verbinding tussen cultuur en duurzame lokale ontwikkeling voortgezet. Aan deze tweedaagse hybride training (fysiek en online) nemen 25 professionals uit 16 Griekse gemeenten deel, samen met vertegenwoordigers van hun lokale culturele organisaties.
Meer informatie over het project is te vinden op:
https://www.c-cycleproject.eu
Gefinancierd door de Europese Unie. De geuite standpunten en meningen zijn uitsluitend die van de auteur(s) en weerspiegelen niet noodzakelijk die van de Europese Unie of de State Scholarships Foundation (IKY). Noch de Europese Unie, noch de subsidieverstrekker kan hiervoor verantwoordelijk worden gehouden.